Teamverslagen

 

Rijswijk 5 heeft de uitwedstrijd tegen Botwinnik 6 verdiend met 4-2 gewonnen.

Op bord 4 kwam Peter al snel een pion voor te staan en stond ook lange tijd iets beter. Zijn tegenstandster maakte de stelling echter zeer gesloten. Er kwam vervolgens een eindspel op het bord waar Peter een loper had en de tegenstandster een paard. Andermaal bleek weer dat het paard oppermachtig is aan een loper in een gesloten stelling. 1-0 voor Botwinnik.

Davo zette op bord 2 inmiddels zijn tegenstander steeds meer onder druk. Hij kreeg een betere stelling en stond een pion voor. Echter hij was nog het meest verbaasd toen zijn tegenstander opgaf in deze stelling. Maar we vonden deze premature opgave uiteraard niet heel erg. 1-1.

Wim kreeg op bord 5 een vrij onorthodoxe opening tegen met in het frans op de 2e zet d6. De partij ging in het begin wel gelijk op. In het middenspel voerde Wim echter een mooie mataanval uit. Net voordat de tegenstander mat ging gaf deze op. 1-2.

Op bord 1 won Timo in het middenspel een pion. Vervolgens speelde hij dit voordeel mooi uit in een paardeindspel en buitte hij de vrijpion die hij had prima uit. 1-3.

Roelof speelde met wit op bord 3 zoals hij het zelf noemde weer een gekke partij. Dit komt volgens mij deels door het steeds befaamder wordende ‘ Roelof systeem’ Dit systeem brengt de loper op de 2e zet naar c4. Zet de pionnen op a3, b4, d3 en e4,f4 neer, brengt de paarden naar c3 en f3 en zet als klap op de vuurpijl de lopers op b2 en a2 neer. Volgens Roelof zelf een uitermate effectief systeem. Ik heb hier nog geen grootmeester partijen van terug kunnen vinden, maar dat kan volgens mij niet lang meer duren;-) Roelof kwam een pion voor, even later zelfs een toren en wist dit behendig uit te spelen. 1-4

Jan speelde op bord 6 met zwart zijn favoriete Budapester gambiet. De opening bracht een scherpe stelling op het bord, waarin Jan een mooie combinatie zag waarin hij een dame voor een toren won. In gedachten had ik de winst al genoteerd. Echter toen ik na een paar zetten weer terug kwam aan het bord waren de rollen omgedraaid en had de tegenstandster een dame voor een loper gewonnen. De overgebleven 2 torens waren te sterk voor het paard en de toren ondanks 2 pionnen meer aan Jan zijn zijde. Jammer dit einde na zo’n mooi begin.

De wedstrijd eindigde dus terecht in 4-2 voor ons. A.s. dinsdag worden de gespeelde partijen samen geanalyseerd met Hans Hulshof, waar ongetwijfeld weer veel leerpunten uit zullen komen. Deze kunnen we goed gebruiken in de volgende wedstrijd tegen de koploper Promotie 7 op 13 december.

Roger van Groesen

Deze tweede wedstrijd tegen het sterkste team uit deze klasse DD3, leek even uit te draaien op een verrassing. Met Rogier en Harm voor Paul en Mark was het ratingverschil tegen het uit de Promotieklasse gedegradeerde DD3 ruim 200 punten. Daar was lang in de wedstrijd weinig van te merken, pas in het laatste speeluur ging de wedstrijd voor het derde verloren.

Roger opende met een verdiende remise tegen good-old Wim Reimer (1833) de score. Hij zette zijn stukken goed neer, ruilde bekwaam over de c-lijn de torens en daarna nog wat materiaal, zodat er in de resterende symmetrische stelling weinig meer te beleven viel. Tomas speelde een sterke partij tegen Pieter Smeele (1866) , van het ratingverschil van 400 punten viel niets te merken, hij kreeg een overwegende stelling en won een belangrijke pion op e6, om in de tijdnoodfase een stuk weg te geven en daarmee de partij. Erg zuur natuurlijk, maar belangrijker lijkt me de constatering dat hij in staat was een veel sterkere speler bijna naar de nederlaag te spelen. De resultaten komen heus wel Tomas, dit is van tijdelijke aard. Erik overkwam in iets mindere mate hetzelfde, een goede partij tegen Mark van Iersel (1859) die uiteindelijk toch op een nederlaag uitdraait. Peter speelde remise tegen Jaap van Eesteren ( 1879) in een partij die leek op de laatste partij tussen beide spelers, vorig jaar Rijswijk2-DD3 in de promotieklasse. De stelling bleef tot aan het eind in evenwicht, al kostte dat wel veel tijd. Floris kwam niet geweldig uit de opening, een achtergebleven pion op d7 waar wit de hele avond op bleef drukken verdedigde hij echter nauwkeurig zodat Lothar van der Sluijs (1831) uiteindelijk in remise berustte. Henk speelde tegen de sterkste DD’er Jan-Joost Lindner (2084) een originele partij, zoals we die van hem kennen. In een eindspel met toren en lopers van ongelijke kleur, leek hij de remise te gaan binnen halen, maar de kans daarop merkte hij 1 zet te laat op. Jammer Henk. Bart speelde naast mij een uitstekende partij en drukte zijn tegenstander Reinhard Henn (1844) stevig in de verdediging. Na pionwinst op de damevleugel leek Bart uiteindelijk met zijn vrijpion op de a-lijn eenvoudig te gaan winnen, maar leek daarin nog even gehinderd door de zwarte vrijpion op d3. Dan maar afwikkelen naar een ander gewonnen eindspel dacht Bart, zijn a-pion voor de d-pion van zwart. En dan kom je er uiteindelijk achter dat het net niet wint, gezien de enorme tijdnood waar Bart in zat geen onlogische ontknoping. Harm was als laatste bezig om een halfje binnen te halen, in zijn partij tegen Remko de Waard ( 1814) waarin hij na zo’n zet of twintig een stuk was kwijt geraakt. Met drie tegen drie pionnen op de koningsvleugel en zijn b-pion tegen het witte paard kwam hij een heel eind, maar jammer genoeg net niet ver genoeg. Het ratingverschil in deze partij, zo’n 600 punten, laat maar weer eens zien dat we daar maar niet te veel naar moeten kijken.

Met een beetje geluk: Bart + 0,5, Henk +0,5, Tomas +1, Harm +0,5, Erik +0,5= + 3, hadden we met 5-3 gewonnen! Hadden. Volgende wedstrijd op 1 december uit tegen DD5, maken we vermoedelijk meer kans.

Peter Gaemers

 

Net zoals vorig jaar lukte het ons een 5-3 overwinning te behalen op De Pion 2.

Zonder Alexander, op vakantie in Thailand, maar met Hans Hulshof, wisten we opnieuw de punten te pakken tegen De Pion2. Die boden overigens goed weerstand en na de 1-0 die Michael na een mooie mataanval liet aantekenen, had ik er gezien de andere borden een hard hoofd in. Frans volgde nog met een degelijke remise, maar op een paar borden stonden we duidelijk minder, maar dat werd in de loop van de wedstrijd echter beter. Alfonso, zoals gebruikelijk in hoog tempo van start, miste zo rond 20e zet de beste voortzetting, anders had er misschien wel meer in gezeten, zoals het nu ging moest hij nauwkeurig naar remise spelen. Jelle was niet geweldig uit de opening gekomen en stond m.i. wat minder, maar met behulp van zijn tegenstander kreeg hij steeds meer grip op de stelling en na het openen van de a-lijn kon  hij met een toren binnenvallen. In combinatie met een actieve dame en een sterk paard, leverde dat uiteindelijk de winst op! Roel moest daarna het punt laten aan zijn tegenstander, die kort daarvoor nog remise had aangeboden. Een correct paardoffer op g6  mocht niet genomen worden, maar ook de stelling die daarna ontstond viel niet te keepen. Jammer Roel. Rob deelde daarna het punt met zijn tegenstander, wat gezien de resterende tijd voor zo'n 15 zetten niet onverstandig was. Peter Monté scoorde  een vol punt in een partij die door de tegengestelde rokades bijzonder spannend was. Uiteindelijk sloeg zijn aanval eerder door, maar zwart is zeker niet kansloos ten onder gegaan. Hans ten slotte speelde een sterke partij en stond uiteindelijk dan ook gewonnen, maar liet die winst in de laatste tien zetten echter langzaam uit zijn handen glijden.

Al met al een voor mijn gevoel wat fortuinlijke overwinning, die ons op 4 punten uit 3 wedstrijden brengt. Volgende wedstrijd op 26 november uit tegen Sliedrecht.

 

Peter Gaemers

In deze tweede competitiewedstrijd tegen Haeghe Ooievaar1 is het ons niet gelukt de punten mee naar huis te nemen. Daar zag het overigens lange tijd wel naar uit.

Rijswijk 4 heeft tegen DSC7 helaas geen potten kunnen breken, het werd 5-3 voor de thuisclub en een verdiende overwinning. Geen schande want DSC had ca. 200 ratingpunten meer dan wij.

Marc Berger, Roger van Groesen en Peter Ketting moesten helaas een nul noteren. Marc moest in tijdnood proberen een halfje veilig te stellen, maar dat lukte niet. Roger had een sterke tegenstander, die langzaam maar zeker aan de damevleugel zijn stelling binnendrong en zo de winst pakte. Peter kreeg een oudere heer tegenover zich, die wel bleek te kunnen schaken, en toen hij een penning over het hoofd zag, was de partij beslist.

Kees den Otter, Rob Felix, Sebastiaan Ketting en Hans Knigge speelden remise. Kees had op bord 1 een 1900-speler tegenover zich gekregen, maar Kees speelde zijn eigen spel met en kreeg een gevaarlijke aanval op pion f6 van de tegenstander, en wist zo remise te scoren; mooi resultaat Kees!. Rob had een gelijke stelling opgebouwd en zag geen kans om hier de winst van te maken. Ondergetekende had hetzelfde: ik had een pluspionnetje opgebouwd, maar die dreigde weer verloren te gaan; remise leek de beste uitslag.

Sebastiaan had wel gewoon moeten winnen!, maar speelde remise. Hij had in een eindspel 2 pionnen meer, die opstoomden naar de koning van de tegenstander; met aan de andere zijde van het bord ieder een loper met pion. Hoewel de lopers van ongelijke kleur waren en de loper van de tegenstander probeerde de opmars van de pionnen tegen te houden, was dit een duidelijke winststelling voor Sebastiaan. Helaas liet hij éen pionnetje slaan, waardoor de tegenstander met zijn koning eenvoudig voor de andere pion kon gaan staan; jammer.

Harm Gerlings was nog als laatste bezig en redde onze eer met winst. Harm speelde het heel nauwkeurig; hij had een paard en veel pionnen, en de tegenstander een loper met 1 pion minder. Harm had duidelijk betere stelling. Toen Harm met koning en paard bij de 2 pionnen aan de damevleugel kon komen, dachten alle omstanders, dat hij de pion eraf zou slaan, dan ruil van loper en paard zou plaatsvinden, en de winst voor het oprapen lag. Maar Harm was bang dat de vijandelijke koning naar zijn pionnen aan de andere kant van het bord zou lopen (met een snellere promotie van een pion), en Harm ging weer terug. Analyse met Fritz moet duidelijk maken of Harm zich terecht zorgde maakte. Toch kon Harm uiteindelijk de winst pakken.

Helaas verloren, volgende keer tegen Schaakhuis.

Hans Knigge

 

Rijswijk 5 heeft afgelopen dinsdag met 3-3 gelijk gespeeld tegen Scheve Toren 3 uit Pijnacker. Scheve Toren kwam maar opdagen met 4 spelers, waardoor het al meteen 2-0 voor ons was. Ze besloten om bord 1 en 6 leeg te laten, waardoor Timo en Jan gelukkig nog een partij konden spelen in de interne competitie. Op bord 5 kwam Mireille al snel een pion voor. Even later koos ze echter de verkeerde voortzetting waardoor ze een kwaliteit verloor. Later in het eindspel bleek dit beslissend toen de toren een aantal onverdedigbare pionnen ging opeten en de tegenstander teveel materiaal voorkwam. Stand 2-1. Op bord 3 kwam Peter iets beter uit de opening dan zijn tegenstander. Hij zette flink druk, echter zijn tegenstander wist stilletjes een mooie koningsaanval op te zetten. Peter zag dit te laat en kon toen mat niet meer voorkomen. 2-2. Op bord 2 was Roelof inmiddels een pion achter gekomen. Geen schande als je bedenkt dat zijn tegenstandster een rating van 600 meer heeft. Deze wist dit voordeel dan ook steeds verder uit te bouwen, waardoor opgave onvermijdelijk was. 2-3 voor Scheve Toren. Op bord 4 was Wim aan een spannende gelijk opgaande partij bezig. Wim wist heel knap, met minder dan 5 minuten op de klok, steeds de juiste voortzetting te kiezen. Terwijl de tegenstander, met veel meer tijd op de klok, fouten begon te maken. Dit leverde Wim een stuk op en hij stond zelfs op het punt veel meer materiaal te veroveren. Daarom besloot de tegenstander op te geven. 3-3. Wim redde dus het punt en de eer.

Roger